De term PFOS is de laatste tijd niet weg te denken uit de pers. Deze stof maakt echter deel uit van een familie van evenzeer gevaarlijke stoffen, die we dagdagelijks tegenkomen in onze voedselverpakkingen: de POP’s. We gunnen heel de familie graag een momentje in de schijnwerpers, dus een woordje uitleg: Wat zijn POPs, wat is het probleem hier precies mee en wat zegt de wetgever hierover?

POP versus PFOS

Persistent organic pollutants, of simpelweg POP’s, zijn organische stoffen die gedurende lange tijd in het milieu rondzwerven. POP’s worden gefabriceerd voor gebruik in pesticiden, oplosmiddelen of industriële chemicaliën, of ontstaan als bijproduct bij bepaalde andere industriële activiteiten. Ze clusteren levende organismen én vormen in die gedaante een risico voor onze gezondheid en het milieu waarin we leven, aangezien ze giftig zijn voor de mens en op termijn tot o.a. kanker en diabetes kunnen leiden.

Maar wat is de link nu met PFOS? PFOS (perfluoroctaansulfonzuur) is een chemische stof die producten niet enkel water-, maar ook vet- en vuilafstotend maakt. Denk hierbij aan coatings voor textiel, leer, ... Bovendien is PFOS bestand tegen hoge temperaturen, en zie je ze vaak in bijvoorbeeld de anti-aanbaklaag van koekenpannen en braadpannen.

Deze perfluorverbinding behoort tot de PFAS-familie (poly- en perfluoralkylstoffen): synthetische, chemische stoffen die niet biologisch afbreekbaar zijn. PFAS worden in vakliteratuur vaak ‘forever chemicals’ genoemd. PFOS is als onderdeel van de PFAS-familie dus per definitie een POP.

POP, PFOS

De telgen van de POP-familie zijn ondermeer:

  • bestrijdingsmiddelen (bv. DDT, HCH,...);
  • industriële chemische stoffen (zoals polychloorbifenylen, die op grote schaal in elektrisch materiaal worden gebruikt); of 
  • onbedoelde bijproducten die zijn ontstaan tijdens industriële processen, afbraak of verbranding (zoals dioxines, PCB’s en furanen).

POP’s zijn een gevaarlijk goedje, nestelen zich maar al te graag in onze samenleving en verspreiden zich als een lopend vuurtje. De favoriete transportkanalen voor POP’s zijn de lucht, het water of migrerende diersoorten. Ze reizen internationaal en bereiken plaatsen waar ze nooit geproduceerd of gebruikt zijn. Het spreekt voor zich dat geen enkele regio deze problematiek solitair kan aanpakken. Enter: internationaal risicobeheer.

Dit risicobeheer vertaalde zich in een Europese POP-verordening die werd geboren onder de naam Verordening 2019/1021. Concreet betekent dit dat de meeste van deze stoffen verboden worden in Europa, en dat er sterke restricties gelden voor deze die wel nog toegelaten zijn.

Wat met voedselverpakkingen?

De POP-verordening is in principe niet zozeer op verpakkingsmaterialen gericht. Aangezien we als maatschappij echter alsmaar meer letten op duurzaamheid en milieu, eisen de klanten van fabrikanten van verpakkingsmaterialen steeds meer bewijzen dat de geproduceerde verpakkingen (ook) aan de POP-verordening voldoen. En dat is, net als de meeste dingen aangaande voedselveiligheid, complex.

Het label ‘biologisch afbreekbaar’ wordt vaak toegepast op bepaalde wegwerpverpakkingen, en wordt door de consument beschouwd als ‘milieuvriendelijk’ en ‘duurzaam’. Blijkt dat deze soort verpakkingen frequent vol PFAS zitten - ondanks dat ze ‘biologisch afbreekbaar’ zijn.

Het probleem doet zich voornamelijk voor bij voedselverpakkingen van papier, karton en geperste plantaardige vezels. Deze bestanddelen zijn op zich niet water- of vetafstotend, en krijgen daarom net een behandeling om deze eigenschappen te verwerven. En daar knelt vaak het schoentje. Minimaal één op de drie van dergelijke voedselverpakkingen zou niet voldoen aan de POP-verordening. En dit soort verpakkingen zullen we alsmaar meer zien passeren, zeker nu de single-use plastics vanaf 3 juli 2021 in Europa in de ban worden gedaan.

Sinds 2011 is er voor plastics een verordening (10/2011), wat in de praktijk betekent: een lijst met bestanddelen die wél nog mogen gebruikt worden in de productie van kunststof voedselverpakkingsmateriaal. POP’s staan niet op de positieve lijst, plastics die voldoen aan Vo 10/2011 zijn dus in principe ‘safe’. Al worden er wel wat kanttekeningen gemaakt: de lijst is bijvoorbeeld niet van toepassing op inkt, kleurstoffen of solventen. Men moet dus nog onderzoeken of POP’s hierin al dan niet aanwezig zijn. Zo kan een kunststof verpakking dan wel ‘safe’ zijn, maar het met inkt gedrukte logo bijvoorbeeld niet.

Wat dan met alternatieven zoals bamboe, maïs, rijst, enzovoort? Heel wat producenten van voedselcontactmateriaal vonden hierin de laatste jaren hun gading. Ze produceren materiaal uit kunststof gemaakt mét plantaardige vezels. Wat blijkt? Sinds 21 mei 2021: verboden op de Europese markt. Het effect van deze producten op onze gezondheid is onvoldoende beoordeeld door het EFSA, waardoor ze niet opgenomen worden op de lijst van producten die mogen gebruikt worden. Kort gezegd: plantaardige vezels als additief bij kunststof zijn uit den boze. Er is enkel nog marge voor producten die compleet vervaardigd zijn uit plantaardige vezels, denk hierbij aan bestek met hout-look, vervaardigd uit 100% bamboe bijvoorbeeld.

POP PFOS

Dat POP’s alomtegenwoordig zijn, en best omschreven worden als een sluipend gevaar is duidelijk. Qua wetgeving maken we vooruitgang: dankzij de Europese Verordening 2019/1021 kan er kort op de bal gespeeld worden, maar de uit te voeren acties zijn een work in progress (biologisch afbreekbaar is niet gelijk aan POP-safe!). Er is dus nog wel wat werk aan de winkel voor we opnieuw onbezorgd koffie uit een kartonnen bekertje kunnen drinken.

Heb je nog verdere vragen over POP’s en aanverwanten? Aarzel dan niet om contact met ons op te nemen. We helpen je graag verder!

Wat extra leesvoer bij bovenstaande blogpost: